Periode: 31 Juli - 22 Augustus 2008
Schilderen is als reizen. Het gaat niet om het einddoel, maar om de reis.
Roze en blauw zijn de overheersende kleuren in het werk van Irene Goes, 38 jaar, televisiemaker, wonend in Amsterdam. Ultramarijn, phtaloblauw en rood met wit: hemels blauw en zuurstok roze op het mengbord geven steeds weer inspiratie.
Amateurschilder Irene Goes begon eind jaren '90 met een serie teken- en schilderlessen bij kunstenaar Marianne Pruimboom. In haar studio leerde ze de basisbegrippen: kijken, afstand nemen, restvorm, contrast, diepte, lijnen, compositie. Irene: "Ik was ervan overtuigd dat ik niet kon tekenen. Ik had het talent er niet voor. Van Marianne leerde ik dat je het kan, als je maar goed kijkt en dat deel van je hersenen uitschakelt waarin ligt opgeslagen dat 'een koffiekopje er toch echt altijd zus en zo uitziet'. Tekenen kan ik nog steeds niet, maar sinds ik mezelf ontslagen heb van de plicht om realistisch te schilderen ('het lijkt er niet op!') heb ik daar geen last meer van. Ik klieder met verf omdat ik geniet van wat er ontstaat in het spel van kleur en vorm. Schilderen geeft een vorm van concentratie die tegelijk intensief en ontspannend is. Een verslavend geluksgevoel. Valt nog mee dat schilderen niet onder de opiumwet valt."
Tulipani, Verdura, Le Colline, Marlia, Torso, Een Man [...]: stillevens, landschappen, en af en toe een verdwaald portret. Acryl op doek.